Cultuur & Uitgaan
Typography

Tetterode als bolwerk van cultuur en creativiteit
020 Kunst & Cultuur - Monumentenzorg in Amsterdam heeft een hoop te danken aan de kraakbeweging van de jaren 80 van de vorige eeuw. Zonder dit fenomeen zou een aantal zeer gezichtsbepalende gebouwen van de aardbodem zijn verdwenen.

Het Wilhelminagasthuis, Pakhuis de Zwijger en de graansilo Korthals Altes zijn slechts enkele van de bekendste voorbeelden. Een van de grootste wapenfeiten van de kraakbeweging is in 1981 de redding van het Tetterode-complex geweest. De Rode Tetter groeide uit tot een symbool van buurtverzet tegen speculanten en slopers en van alternatieve cultuur en creativiteit. Afgelopen zomer verscheen het boek Zeggenschap zonder bezit, over de ontstaansgeschiedenis en het huidige reilen en zeilen van het succesvolle woonwerkpand dat het voormalige krakersbolwerk tegenwoordig is.


Het op maat hakken van loden interlinies in Lettergieterij Amsterdam, 1919. | Foto: Jan Daniel Filarski / Arbeidsinspectie via beeldbank Nationaal Archief, Den Haag.


Lettergieterij
In 1903 betrok de al langer bestaande N.V. Lettergieterij Amsterdam voorheen N. Tetterode, zoals de naam voluit luidde, een nieuw bedrijfspandpand van architect J.W.F. Hartkamp aan de Bilderdijkstraat. Het bedrijf produceerde hier tot 1981 onder meer loden drukletters, drukkerijmeubilair en inktrollen voor drukpersen. Ook werden er grafische machines verhandeld en gereviseerd. In 1912 breidde Hartkamp zijn gebouw aan de achterzijde aan de Da Costakade uit met een nieuwe vleugel. Het bedrijf bleef groeien en dezelfde architect mocht in 1920-1921 in de Bilderdijkstraat een aangrenzende voormalige melkfabriek en enkele andere buurpanden aan het complex toevoegen en verbouwen. Nog net voor de Tweede Wereldoorlog ontwierp architect J.F. van Erven Dorens een uitbreiding aan de Da Costakade, die na de bevrijding in 1951 kon worden voltooid door B. Merkelbach, C. Karsten en P. Elling. Het organisch gegroeide complex vormt aldus een fascinerend amalgaam van twintigste-eeuwse architectuurstijlen, variërend van art nouveau tot het Nieuwe Bouwen.


Lettergieterij "Amsterdam", voorheen N. Tetterode aan de Bilderdijkstraat. Op de foto rechts is de typografische bibliotheek te zien, ontworpen door K.P.C. de Bazel en Th. Nieuwenhuis. | Foto’s: beeldbank Stadsarchief Amsterdam.


Gesamtkunstwerk
De lettergieterij had van 1907 tot 1942 de beroemde typograaf en boekbandontwerper S.H. de Roos in dienst als artistiek medewerker. Deze heeft tijdens zijn loopbaan in totaal 12 nieuwe lettertypen ontworpen, waaronder de veelgeprezen (én -gebruikte) Hollandsche Mediaeval. Op De Roos’ initiatief werd in 1913 een typografische bibliotheek voor het personeel gesticht, bedoeld om de rijke bedrijfscollectie van boeken en andere geschriften op grafisch gebied te herbergen. Voor de inrichting van deze ruimte aan de zijde van de Da Costakade werden 2 van de meest vooraanstaande ontwerpers van dat moment op het gebied van interieurkunst aangetrokken, K.P.C. de Bazel en Th. Nieuwenhuis. 

De Bazel verzorgde de in kostbare houtsoorten uitgevoerde wand- en zolderbetimmering, het meubilair (waaronder boekenkasten, kabinetten en vitrinekasten), de marmeren schouw, het vloerkleed en de kroonluchters, terwijl Nieuwenhuis ontwerpen leverde voor de stoffering van de meubelen en de wandbespanning. De uitvoering van het timmerwerk lag bij de gerenommeerde firma J.B. Hillen. Dit fraaie Gesamtkunstwerk is in 1986 voor een groot deel herplaatst in een bijgebouw van de Oude Lutherse Kerk aan het Spui, die door de Universiteit van Amsterdam (UvA) wordt gebruikt als aula. De inhoud van de bibliotheek is al in 1971 veilig ondergebracht in de Universiteitsbibliotheek van de UvA. In de loop der jaren zijn echter ook weer elementen van de oude inrichting teruggekeerd naar het voormalige lettergieterijcomplex, zoals een klok en enige meubelstukken.


Lettertype Hollandsche Mediaeval, ontworpen door S.H. de Roos.


Woonwerkpand
Met het vertrek van de lettergieterij in 1981 werden de gebouwen een prooi voor vastgoedspeculanten, wat in die tijd vrijwel altijd sloop betekende. De buurt kwam echter in opstand en de panden werden in bezit genomen door krakers. Gedurende de jaren 80 groeide het complex uit tot een bolwerk van verzet én creativiteit. In de kelder kwam de niet-commerciële discotheek De Flux, later omgevormd tot de vermaarde, nog altijd bestaande ‘potten- en flikkerdisco’ De Trut, terwijl in een van de toiletruimtes de studio’s van legendarische alternatieve radiozenders als Radio Rabotnik en Radio 100 werden gevestigd, tegenwoordig samengevoegd onder de naam DFM.nu. Veel van de bewoners waren actief als kunstenaar in de meest uiteenlopende disciplines. Met de aanwijzing tot gemeentelijk monument in 1985 (en in 2004 zelfs tot rijksmonument) was het gevaar van sloop van het complex voorgoed afgewend. Tetterode kwam in handen van de gemeente, die het vervolgens in erfpacht gaf aan woningcorporatie Het Oosten. Met de bewoners werd een regeling getroffen die voorzag in een huurcontract op basis van ‘kostenneutrale verhuur casco’, waarbij zij eigenaar werden van alle door henzelf ingebouwde zaken. In het Tetterodecomplex zijn nu onder meer woningen, bedrijfjes, een theater, winkels en ateliers te vinden, met in totaal ongeveer 150 huurders. De betrokkenheid bij de buurt is nog altijd groot. ‘Mede mogelijk gemaakt door de kraakbeweging’, zoals de slogan destijds luidde.


Gekraakt pand van Tetterode in Amsterdam, "De Rode Tetter", 19 november 1981. | Foto: Hans van Dijk / Anefo, via beeldbank Nationaal Archief, Den Haag.


Erfgoed van de Week
In de rubriek Erfgoed van de Week staat elke week een bijzondere archeologische vondst, vindplaats, voorwerp, monumentaal gebouw of historische plek in de stad centraal. Via de website amsterdam.nl/erfgoed, Twitter @erfgoed020 en Facebook Monumenten en Archeologie delen de erfgoedexperts van Monumenten en Archeologie het erfgoed van de stad met Amsterdammers én overige geïnteresseerden.

Bron: Gemeente Amsterdam