Cultuur & Uitgaan
Typography

020 Amsterdam Cultuur - Steegjes en gangen zónder naambordje in ónze binnenstad? Jazeker. In Amsterdam bleek het te stikken van de naambordloze stegen. Op een mooie Amsterdamse uitgaansnacht vond ‘De Mokumse Stegenman’ zo’n weggemoffeld steegje zonder naam.

Deels dankzij hem, pronken er nu bordjes met historische namen bij oeroude stegen, gangen en sloppen. U vindt die oude stegen, gangen en sloppen - plus foto’s en interessante informatie - op onze interactieve digitale kaart. Gaat dat zien!

Beste Amsterdammers, onder ons bevindt zich een bevlogen man. Een man met liefde voor de geschiedenis van onze stad, Mokumer in hart en nieren. In dit verhaal wil hij graag ‘De Stegenman’ worden genoemd, want, zo zegt hij: "Het gaat niet om mij, maar om de stegen, gangen en sloppen van weleer." De Stegenman droeg bij aan een gemeentelijke inventarisatie van Amsterdamse stegen en gangen en zorgde ervoor dat circa 100 steegjes en gangen een straatnaambordje met de oude naam kregen. "Als je erfgoed benoemt, dan verdwijnt het tenminste niet", vindt hij. En zo is dat! Nog niet zo lang geleden werd dat laatste straatnaambordje opgehangen. Viel het u al op? De straatnaambordjes bij oude stegen en gangen met de historische namen zijn wit met blauwe letters.


Naaldenmakerssteeg met gloednieuw straatnaambordje.

Oeroude doodlopende Amsterdamse steegjes
We beginnen even bij het begin. We hebben het hier over oeroude doodlopende Amsterdamse steegjes, ook wel gangen of sloppen genoemd. Sommige steegjes, sloppen en gangen ontstonden al in de middeleeuwen. Dat waren bijvoorbeeld toegangsweggetjes naar het binnenterrein achter de huizen waar kleine huisjes, moestuinen en stallen waren. Soms ging het om paadjes die bedoeld waren om huizen tegen overslaande brand te beschermen (brandgangen). Ook waren er ‘achterommetjes’ naar een eigen schuur of loods. Steegjes overal dus. Aan het eind van de 19e eeuw groeide de Amsterdamse bevolking explosief, en werden veel van deze gangen en stegen bebouwd met kleine huurwoninkjes. Dat waren de sloppen in de Jordaan. Daar schreven we al eerder over.


24 november 1931. Rechts een gedeelte van de Ronde Lutherse Kerk, Singel 11 en daarachter ingang Ossenspooksteeg. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

Ooit ruim 1.300 gangen
Oude stegen en gangen komen in de hele stad voor: aan de Oudezijds Voorburgwal, het Rokin, de Herengracht, Zeedijk, Binnen Brouwersstraat, Nieuwendijk, Spuistraat, et cetera! De steegjes hadden namen als Klapmutssteeg, Tabaksstampersgang, Kamelengang, Ossenspooksteeg, Katersteeg, Prutgang of Prinsenliefhebbersgang. What’s in a name. In de afgelopen decennia verdwenen er hónderden gangen. Vele oude steegnamen werden vergeten. Van de ooit ruim 1.300 steegjes, zijn nu nog zo´n 300 gangen inclusief hofjes over. Daarnaast telden we ruim 100 achterommetjes (of poorten) naast eind 19e/begin 20e-eeuwse panden. Die overgebleven gangen en stegen vindt u niet gemakkelijk. Misschien ziet u weleens een met graffiti ondergespoten deur, een vervallen hekwerk, of een fraaie poort. Nou, daarachter kan dus zo’n oud weggemoffeld steegje lopen.

En op een mooie Amsterdamse uitgaansnacht, vond de Stegenman zo’n weggemoffeld steegje…


Een ouderwets avondje stappen
De Stegenman vertelt: “In mijn jonge jaren studeerde ik geschiedenis. Ook had ik een geweldig bijbaantje: ik deed telefoonwerk voor de Amsterdamse reinigers. Hartstikke leuk. In die tijd kwam ik tijdens een ouderwets avondje stappen in het afvoerputje van het uitgaansleven terecht: bar San Francisco in de Warmoesstraat. Op een gegeven moment moest ik naar de wc. In de gang waar de wc zat, stond een deur open: de nooduitgang. Ik stak mijn hoofd om de hoek van die open deur, en ik kon mijn ogen niet geloven! Daar lag een spannend, donker afgesloten steegje, mét een brug. Ik vroeg mij af: hoe kan het zijn dat dit prachtige plekje is afgesloten, en dus niet door iedereen is te zien?!”


Spooksteeg. Foto: Stadsarchief.

De Spooksteeg
“Ik sprak erover met mijn collega’s van de reiniging. Het bleek ´De Spooksteeg´ te zijn. Het was een steegje dat vanuit het oogpunt van openbare orde dichtging in de jaren ’90. Wat zonde, vond ik. Mijn collega’s wisten mij aan een gemeentelijke lijst uit 1960 te helpen: een lijst met stegen en gangen die in die tijd bekend waren. Het bleek dat er sinds het opstellen van die lijst wel zo’n driekwart van de stegen en gangen verdwenen waren. Meer dan een jaar lang verdiepte ik mij in die oude Amsterdamse stegen. Een fascinerende wereld. Het management Openbare Ruimte van stadsdeel Centrum vroeg mij om een inventarisatie van afgesloten stegen in de stad te maken. En dat deed ik. Een jaar lang zocht en vónd ik stadse verborgen steegjes. Alles wat er maar aan tekst of archiefmateriaal over gangen en stegen was te vinden, las ik.”

Grafkist in het Frans
“Interessante dingen kwam ik te weten. Zo heb je de ´Drie Roemersgang´ aan de Rozenstraat. Ooit stond daar het landhuis van de steenrijke familie Van Bassen, toen nog buiten de stad gelegen. De familie Van Bassen had haar hoofdwoning aan het Damrak. Daar waren in een gevelsteen ‘de Drie Roemers’ weergegeven. Roemers zijn sjieke wijnglazen uit die tijd. Afijn, dat landhuis verdween, de naam bleef bestaan. Je hebt ‘het Mooresteegje’ aan het Rokin, vernoemd naar de 17e-eeuwse tabakshandelaar Bartholomeus Moor. Die steegnaam verwees dus niet naar de islamitische bevolking van het middeleeuwse Spanje. Het stadhuis houdt de vlasbewerkers in herinnering en noemde de openbare Stopera-straat ‘de Vlasgang’. Een middeleeuws aandoend kronkelig steegje aan de Amstel heet: ‘Coffer de Moorsgang’. Dat betekent (ongeveer dan) grafkist in het Frans. In die steeg werden ooit dus grafkisten in elkaar getimmerd. De grafkisten werden met een lichaam erin naar een laatste rustplaats vervoerd. Je hebt ook ‘de Buissteeg’ aan het Singel. Daar zit namelijk een gevelsteen in nummer 360 met de tekst: De Vergulde Haringbuys. Haringbuys? Dat was een groot schip waarop haringen werden gekaakt op het moment dat ze binnen werden gehaald.”


30 december 1997. Rechts: Het Mooresteegje. Collectie Stadsarchief Amsterdam, Alberts, Martin.

Oudste straatnaambordje van Amsterdam
“Straatnamen ontstonden vroeger in de volksmond. Het oudste gebeitelde straatnaambordje van onze stad, vind je op het 17e-eeuwse Huis aan de Drie Grachten aan de Oudezijds Voorburgwal 249. Een gevelsteen op het huis draagt de naam ‘Fluwelen Burgwal’. De eerste gemeentelijke straatnaambordjes op houten latten werden vanaf 1795 geplaatst op de hoofdstraten en grachten. Zo na 1860 kwamen de bekende Amsterdamse blauwe emaillen straatnaamborden met witte letters. Maar steegjes en gangen kregen bijna nooit een straatnaambordje. En zo verdwenen ze dus vaak geruisloos uit het geheugen en het straatbeeld. Gelukkig stonden namen van gangen vaak wél vermeld op gemeentelijke stadskaarten. Daar hadden we dus wat aan! Die Amsterdamse gangen en steegjes die er nog zijn, worden nu met hun straatnaambordje erkend en gewaardeerd als belangrijk onderdeel van het cultureel erfgoed van Amsterdam. En daar ging het mij nou allemaal om.”


Huis aan de Drie Grachten. Foto: Stadsarchief Amsterdam, G.L.W. Oppenheim.

Stegen op de kaart!
Erfgoedorganisaties, raadsleden én de Amsterdamse brandweer vroegen om meer inzicht in de oude Amsterdamse stegen, sloppen en gangen. In 2019 inventariseerden we alle oude stegen, sloppen en gangen. Vervolgens maakten we een interactieve digitale kaart waarop alle Amsterdamse stegen, sloppen en gangen te vinden zijn, plus extra achtergrondinformatie.

In totaal zijn maar liefst 400 nog bestaande gangen, sloppen en achterommetjes en werkpoorten in kaart gebracht, iets minder dan een derde van het aantal gangen in Amsterdam rond 1850.

Bron: Gemeente Amsterdam

Cultuur & Uitgaan & Reizen

Kunst & Media

Vliegtickets